DEN HAAG ONDERDAK
- > STARTPAGINA
- > NIEUWS
- > CONTACT
- > PARTNERS
- > PLANNING EN PLANNEN
- > COLLEGEBESLUITEN
- > LINKS NAAR WELZIJN, ZORG, HULP & ACTIVERING
DEN HAAG ONDERDAK TWEEDE FASE
DE LOCATIES
- > DUINSTRAAT 19
- > OM EN BIJ 1
- > VAN LIMBURG STIRUMSTRAAT 30
- > VINKENSTEYNSTRAAT 141
- > ZICHTENBURGLAAN 33
- > LEYWEG 2-4-6
IN GESPREK MET DE STAD
DAK- EN THUISLOZEN
DE STRAATDICHTER
HOUVAST MAGAZINE
Het landelijk beleid
Hieronder vindt u een korte weergave van het landelijke beleid voor de maatschappelijke opvang.
In het plan van aanpak Maatschappelijke Opvang van de vier grote steden Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht en het kabinet staat dat
in 2010 alle 10.000 daklozen moeten zijn voorzien van inkomen, zorg en werk. Tenminste 60% van hen heeft dan passende huisvesting. Dit moet ook de overlast, verloedering en criminaliteit beperken die deze mensen nu veroorzaken.
Minister Zalm
Het was luitenant-kolonel Ine Voorham van het Leger des Heils die minister Zalm in 2006 inspireerde met haar verhalen uit de praktijk. Zalm bracht de nodige bewindslieden en de vier grote steden om de tafel. En maakte een flink budget vrij om de leefsituatie van daklozen, psychiatrische patiënten en verslaafden die op straat zwerven, te verbeteren. Het gaat in de vier grote steden om 10.000 dak- en thuislozen en 11.800 mensen die dat dreigen te worden. Doordat de meeste van hen kampen met zware en complexe problemen vallen zij vaak tussen wal en schip.
Ambities
Het kabinet en de vier grote steden hebben de volgende ambities:
- Voor 2010 is voor alle 10.000 daklozen in de vier grote steden een trajectplan opgesteld. Ze zijn dan zo veel mogelijk voorzien van inkomen, zorg en eventueel werk.
- Daarnaast heeft in 2010 60% van de groep passende huisvesting.
- Dakloosheid door uithuiszettingen moet in 2008 minder zijn dan 30% van het aantal in 2005.
- Dakloosheid door detentie komt (vrijwel) niet meer voor.
- Bij een groot deel van de groep is crimineel gedrag en overlast minder geworden. In zeven jaar moet dit maximaal 75% zijn van het huidige niveau.
Centraal staat de persoonsgerichte aanpak. Het plan van aanpak bestaat uit 'niet-vrijblijvende afspraken' met de daklozen. Iedere dakloze krijgt een eigen behandelplan en een begeleider toegewezen. Zij krijgen alleen therapie als er een kans is dat die helpt.
Kosten
Voor het plan is een bedrag nodig dat oploopt tot structureel 175 miljoen euro in 2009. Zowel het Rijk als de gemeenten dragen bij aan de kosten.
Tweederde van het bedrag komt uit de AWBZ. Hiervan worden de voorzieningen voor beschermd wonen en duurzaam verblijf uitgebreid. Het overige deel wordt betaald door de gemeenten. Zij zullen onder andere de opvangvoorzieningen uitbreiden.



